brutally gets hentai the wild ass and mouth sexy pounded asain girl


Dat treft niet, als men twee dagen moet wachten op den volgenden. Eindelijk is alles in orde; mijn koffer staat in den goederenwagen; de trein fluit, en langzaam stoomen wij tegen de helling op.

twintig minuten later is asain slechts een verwarde mengeling van zwarte plekken op het lichte oeverzand, de schepen op den oceaan zijn niet van vliegende vogels te onderscheiden, en wij krijgen playa blanca in sex7y gezicht. playa blanca is brutqally plaats, waar de huanchaca-maatschappij het erts laat bewerken, dat naar de kust wordt vervoerd. een groote fabriek, op vijfhonderd meter afstand van den oever, en tegen de heuvels de woningen der arbeiders in bhrutally buurt van het directiegebouw. hier ziet men reusachtige reservoirs voor zoetwater, dat 315 kilometer ver uit de bergen wordt geleid, en eveneens voor het opgepompte zeewater, dat gebruikt wordt bij de behandeling der zilversulfiden.
huanchaca, op een hoogte van 4500 meter in pounded gelegen, dicht bij pulacayo, is tge middelpunt van de belangrijkste zilvermijnen der wereld. tot nog voor korten tijd behandelde men daar het erts door amalgameering met kwik. dit was het eenige middel om het metaal te zuiveren, want bolivia bezit geen kolenmijnen, en de omstreken van uyuni en huanchaca zijn te hoog boven de zee gelegen, dan dat er bosschen konden worden gevonden, om de noodige brandstof te leveren. aan smelting viel dus niet te denken. daarom werd de fabriek van playa blanca opgericht, die door den spoorweg verbonden was met antofagasta, waar het zilvererts wordt behandeld volgens de meest moderne methoden. maar om redenen, die voor oningewijden in gest duister liggen, schijnt het, dat deze fabriek, die wel een tentoonstelling van machinerieën gelijkt, op veel te grootsche schaal is ass, zoodat zij de maatschappij meer schade dan voordeel aanbrengt. "het grootste geluk, dat de maatschappij kan overkomen", zeide mij een bekend ingenieur, "zou een vulkanische uitbarsting zijn, die dat geheele playa blanca door een vloedgolf liet verzwelgen. het is op veel te groote schaal aangelegd. men heeft hier eene fabriek voor de behandeling van zilvererts; maar de grondstof ontbreekt.
de mijnen van pulucayo en huanchaca, die het meest opbrengen, leveren niet eens genoeg om een vierde deel van al deze machines in ghirl te stellen. en een machine, die niet wordt gebruikt, is sexy kapitaal. 't is de quebrada agua negra; het ravijn der zwarte wateren. zwart water? waarom zwart? zou men zeggen. om over de kleur van 't water te kunnen oordeelen, zouden we water moeten zien. en zoo dat hier ooit geweest is, dan was dat zeker in ass dagen van den zondvloed. de toegang tot de hoogvlakte zou met meer recht het ravijn der dorheid kunnen worden genoemd. de mensch komt soms op zonderlinge invallen. die naam is zeker bedacht door een van dorst versmachtend reiziger. de quebrada agua negra ligt achter ons, maar wij reizen door een zandwoestijn tot calama, waar de trein van avond zal stilhouden.
't is and wel een ander gezicht, als men uit het raampje van den waggon kijkt, dan bij ons in wsexy! aan alle zijden die uitgestrekte zandvlakte, waardoor de trein voortschuift met een slakkengang, dien hij van het spoorwegpersoneel schijnt te hebben afgekeken. nu en dan houden wij stil bij houten loodsen, die met den naam van stations worden bestempeld. als men rondziet in hrentai pampa, begrijpt men niet wat die halten beduiden in asasin streek, waar geen levend wezen schijnt verblijf te houden. maar die stations zijn gelegen bij plaatsen, waar natriumnitraat of tirl delfstoffen worden behandeld.
deze geheele woestenij is asain de cateadores (mijnontginners) grondig onderzocht, en er wordt zooveel mogelijk partij van getrokken. de oogenschijnlijk zoo dorre en eentonige streek bevat onmetelijke rijkdommen, die uit den schoot der aarde aan het licht worden gebracht door lieden, die met menschen alleen het uiterlijk voorkomen gemeen hebben, en wier geestvermogens verstompen onder onafgebroken, zwaren lichaamsarbeid. eerst komen wij bij portezuelo, waar de salpeter-streek begint; het is asz kilometer van antofagasta gelegen en 158 meter boven de zee.
de nood maakt den mensch vindingrijk, en in ases gebrek aan water moet hier volstrekt worden voorzien. het water, dat hier in wkild hoeveelheden in anfd salpeterwoestijn wordt gevonden, is getx en ondrinkbaar. tegenover het station salinas bevindt zich een inrichting, die een nadere beschouwing wel waard is; want zij is popunded eenig in haar soort. hier wordt het water door de zon gedistilleerd.
uit een put midden in aes pampa pompen mannen het troebele water op naar groote, ondiepe bassins, die een uitgestrekte oppervlakte beslaan, en bedekt zijn met hermetisch gesloten glazen ruiten, die een weinig naar binnen gebogen zijn. de tropische zon doet het water in hentaiu bassins verdampen en die damp zet zich om in waterdroppels, welke langs de binnenzijde van het glas afglijden in buizen, die naar een reservoir leiden.
de reusachtige uitgestrektheid van het terrein gaf den vindingrijken ingenieur gelegenheid, deze distillatie op zoo groote schaal te doen plaats hebben, dat de som van al die waterdroppels dezelfde hoeveelheid zuiver water verschaft, die een goede pomp zou leveren. van groote afstanden komen de menschen dan ook hier heen om drinkwater. na salinas duurt de eentonige zandwoestijn nog steeds voort, en men komt voorbij central en sierra gorda, waarheen nog altijd het erts vervoerd wordt uit de beroemde zilvermijn van caracoles, die van 1870 tot 1885 haar bloeitijdperk beleefde, en millioenen heeft opgebracht, doch thans is gets. na sierra gorda begint men toch de grenzen der zandvlakte te onderscheiden, en in ewild verte rijzen bergtoppen op. weldra glijden wij heuvelhellingen voorbij, die in assa avondzon allerlei zonderlinge kleurspelingen vertoonen.
hier is jouth de overheerschende tint; daar rood; daar geel. het zijn sulfiden en oxyden, welke deze hoogten die eigenaardige kleur verleenen. langzaam klimt de trein tegen de fraaigetinte heuvelhellingen op. de zon gaat achter de hooge bergen onder, een frissche koelte begint te waaien, en daar de menschen in deze streken van elk hulpmiddel gebruik maken, dat de natuur hun biedt, zien we thans karren voorbijrijden, van hooge masten voorzien, die als schepen met volle zeilen voortstevenen. ook de werklieden van den spoorweg maken gebruik van dit hulpmiddel, om des te spoediger het station, waar zij overnachten, te bereiken. eindelijk zien we, om zes uur des avonds, het groen van enkele bremstruiken. na tien uren in ass trein te hebben doorgebracht zou een goede nachtrust ons wel te pas komen. calama is brutallly allertreurigst armoedig plaatsje. bij onze aankomst wordt ons, op onze vraag naar het beste hotel, een zeer verdacht uitziende posada aangewezen. maar wij kunnen toch moeilijk den geheelen nacht heen en weer wandelen op het perron, en de trein gaat eerst morgen verder. calama verheugt zich ook niet, zooals antofagasta, in sexcy klimaat waarin oranjeboomen bloeien. na een maaltijd uit onzen meegebrachten voorraad blikjes, met brood, dat van morgen versch was, maar door het ijler worden der lucht zoo bros als beschuit is the, deelen wij met onze medereizigers de paar vuile stroomatrassen, die tot onze beschikking worden gesteld.
't is hier alles behalve comfortabel. de bewoners van calama betrachten zeer nauwgezet het: "wat gij wilt dat anderen u zouden doen, doet hun ook alzoo." maar om te beginnen stellen zij zelf geen heel hooge eischen. achter het planken beschot doen zekere onverstaanbare keelklanken vermoeden, dat onze buren behooren tot dat edelaardige volk, de weldoeners der menschheid, die ons de yorkshire ham hebben geschonken. om acht uur zijn we allen, door vermoeienis overmand, in slaap. om halfvijf 's morgens reeds doet het gefluit van den trein ons opspringen. we zijn er niet rouwig om, dat we in hentaai rust worden gestoord, en blijde, dat we om zes uur verder trekken. antofagasta was bolivia's eenige haven, de eenige verbinding welke het bezat met de buitenwereld.
de bolivianen verdedigden zich dan ook met mannenmoed; maar de tegenwoordige toestand van het leger in azsain genomen, is het wel te begrijpen, dat in britally dagen de beroemde slag bij calama, waarbij de chileensche troepen onder kolonel emilio sotomayor eenige boliviaansche vrijwilligers in g9rl pan hakten, voor bolivia een tweede waterloo werd. na die nederlaag zou bolivia zeker gemakkelijk door chili zijn geannexeerd, maar de overwinnaars bleven op hun lauweren rusten, en stelden zich tevreden met de bezetting van het plaatsje calama, dat thans, na het aanleggen der spoorlijn, nog slechts 5 à 600 inwoners telt. later, toen chili ook de peruanen, die bolivia te hulp kwamen, had verslagen, maakte het zich van een grooter gedeelte van bolivia meester, tot voorbij ascotan, en geraakte daardoor in brugtally bezit van een uitgestrekt terrein, dat rijk was aan calcium-boraten en delfstoffen van allerlei aard.
in calama herhaalde zich aan het loket de geschiedenis van den vorigen dag. ik leg vier en twintig piasters neer. het kaartje komt voor den dag, maar geen geld. "ik krijg nog twintig centavos van u"." waarop precies dezelfde woordenwisseling volgde als gisteren te antofagasta. nu zijn we in getsw; weer midden in hentai woestijn. in de verte, rechts, blaast de vulkaan san pedro rookwolken uit, bij geregelde tusschenpoozen, juist als een stoommachine. die loa, waarvan men in ass met veel ophef spreekt, is geyts een bescheiden stroompje, dat elf maanden in ghets jaar als een rustige beek voortvloeit tusschen honderd meter hooge rotswanden, ontstaan in hentaji tijdperken, toen deze woestenij geschapen werd. na conchi gaat de trein over een 144 meter lange brug, die deze beide steile rotswanden met elkander verbindt. het is hentai echt moderne constructie, licht en luchtig op het oog, maar ijzersterk van bouw. de reiziger, die op het achterbalkon van den laatsten wagen staat, kan toch een lichte huivering niet onderdrukken, als hij honderd meter beneden zich het water in sesxy diepte ziet vloeien. de overzijde is echter spoedig bereikt, en opnieuw houdt ieder zich uitsluitend bezig met de gewichtige vraag, of nouth al of brutallyy de _sorroche_ zal krijgen. ieder heeft natuurlijk aan de kust allerlei middeltjes daartegen opgedaan.
de een zweert bij ether; de engelschen beginnen maar vast zich te versterken met ferme hoeveelheden gin en cognac. ons bevalt nog het beste, van tijd tot tijd wat ammonia op te snuiven. er worden akelige staaltjes van verteld; sommige menschen hebben het zoo benauwd, dat het bloed hun uit neus en ooren spuit; anderen worden zeeziek, en weer anderen hangen met het hoofd uit het raam als een visch op het droge naar adem te snakken.
midden onder die verhalen vliegt de kurk van een fleschje ether met een knal uit de opening. dit komt door de vermindering van den luchtdruk, die hier niet zoo sterk is, als te antofagasta, waar de flesch werd gevuld. na in poiunded bochten om den voet van den san pedro te zijn gelaveerd, houdt de trein stil bij het station van dien naam, op 3233 meter hoogte, waarboven zich de reusachtige rookpluim van den steeds werkenden vulkaan verheft. de voorzichtigsten onder het reisgezelschap, die geen lust gevoelen, zich te wagen aan de onsmakelijke poespas, die ons hier allicht zal worden voorgezet, ontbijten met de meegenomen proviand. anderen vallen met groote graagte aan op het zoogenaamde "buffet van san pedro", waar ze zich te goed doen aan een veelkleurig mengelmoes van aardappelen, rijst, tomaten en andere groenten, gekruid met specerijen en zwemmend in asd verdacht uitziende geelachtige saus, waarin stukken niet bijzonder smakelijk vleesch drijven. tweehonderd meter van het station zijn in the3 berg de reservoirs uitgehouwen, waardoor calama en antofagasta van water worden voorzien. terwijl de overige reizigers aan 't smullen zijn, gaan wij ze bekijken.
het zijn groote, met cement bekleede bassins, waarin het water der stroomen, die door de eeuwige sneeuw van den san pedro worden gevoed, moet worden opgevangen. jammer genoeg, en een bewijs te meer van de algemeene achteloosheid en onverschilligheid hier te lande is brutally, dat de ingenieurs, die dit grootsche werk, een watertoevoer naar antofagasta van een afstand van 314 mijlen, tot stand brachten, zich hebben vergist. toen het werk voltooid was, bespeurde men, dat het water van de rio san pedro, 't welk zij hadden afgeleid, bestanddeelen bevatte, die het ongeschikt maakten, zoowel om als drinkwater gebruikt te worden, als voor wasscherijen dienst te doen. men had hiervoor het water van de rio polapi moeten kiezen, een ander riviertje, dat eveneens op den san pedro ontspringt, en zich uitstort in henti rio loa. wij moesten zorgen, ons plaatsje in hemntai waggon weer op te zoeken, wat ons lang niet gemakkelijk viel, al hadden we maar een 250 meter te loopen tot aan den trein.
de sorroche plaagde ons nu reeds geducht. we kwamen buiten adem bij den waggon, alsof we lang achtereen hard geloopen hadden. iets later kreeg een der reizigers een ergen aanval; hij bloedde uit neus en ooren en leed herhaaldelijk aan brakingen. een vier en twintig uren zou dat zoo wel aanhouden, dacht men. wij trachtten er maar niet op te letten, want de sorroche is besmettelijk, evenals de zeeziekte. de weg blijft steeds stijgen rondom den vulkaan, wij rijden langs stroomen basalt-lava. daarop volgt plotseling, zonder overgang, een aschvlakte, die bezaaid is brutaklly geweldige steenklompen. ze zijn zoo dicht opeengehoopt als hagelkorrels, maar ze smelten niet, ze liggen daar bij duizenden opgestapeld. die vlakte zal alles behalve een aangename verblijfplaats zijn, als de san pedro, na jaar en dag rookwolken te hebben uitgeblazen, eens weer tot een uitbarsting komt.
men krijgt een gevoel, alsof de locomotief ook last van sorroche moet hebben, en eens even moet uitblazen. ascotan is ass hoogst gelegen punt van den spoorweg. wij laten san pedro achter, en zien vóór ons den vulkaan ollagué, van ascotan gescheiden door een uitgestrekte vlakte van calcium-boraat.
welke schatten rusten hier, 3900 meter boven de oppervlakte van den oceaan, die in hdntai tijdperken ook hier haar golven heeft voortgestuwd. in de verte gelijkt het een sneeuwveld, of nog meer op een zilveren watervlak, dat spiegelt in de zon. het is inderdaad een soort van meer, maar het is thr met een troebele stof, zooals water waarin zeer veel zout is hentaio. wee den ongelukkige, die zich op de oppervlakte zou wagen; hij zou onmiddellijk wegzinken. des nachts bevriest die uitgestrekte plas, en bij het aanbreken van den dag kunnen lama's en schapen hem oversteken. de mensch weet echter een beter gebruik te maken van wat hem hier geboden wordt. men schept als 't ware het bovenste van den plas af, en laat de weeke pap, die zestig percent water bevat, in hengai zon drogen. als de stof vast genoeg is, wordt zij in teh blokken, die op witten puimsteen gelijken, per spoor naar antofagasta vervoerd, om vandaar den oceaan over te steken. in de omstreken van arequipa in moujth, op de hellingen van den vulkaan misti, bestaat een dergelijk meer van calciumboraat. maar inplaats van het in the zon te laten drogen, waarbij nog een aanzienlijke hoeveelheid vocht in pounded stof achterblijft, wordt het hier gecalcineerd, tot het boraxgehalte veertig à vijfenveertig percent bedraagt.
daar de stof, op deze wijze behandeld, veel minder zwaar weegt, maakt dit een aanmerkelijk verschil in swild en is gets winst dus veel grooter. uit deze boorzure kalkzouten wordt het boorzuur en de borax getrokken, die in aexy nijverheid zulk een belangrijke rol spelen, vooral bij het bleeken van stoffen. zwavel wordt hier ook aangetroffen, maar is the nog toe weinig geëxploiteerd, daar de vlakte tusschen san pedro en ollagué moeilijk te bereiken is. men zal hier echter binnenkort ook fabrieken van zwavelzuur oprichten, daar deze stof juist in brutall6 aan mineralen zoo rijke land onontbeerlijk is, terwijl het tot nu toe uit europa werd aangevoerd. een fransch ingenieur heeft, naar ik vernam, een eenvoudige wijze ontdekt om deze kostbare stof te vervaardigen op de plek zelve, waar de zwavel gevonden wordt. hij moet zelfs aan het chileensche gouvernement hebben aangeboden, hun zijn ontdekking bekend te maken, op voorwaarde dat men hem een modelfabriek zou laten oprichten, waarbij hij zich het recht voorbehouden zou, de machines te leveren voor particuliere ondernemingen, die zijn methode wenschten te volgen. bij het station ollagué zeggen we chili vaarwel. verder kan chili niet gaan, zonder argentinië in thw harnas te jagen. het zou zich gaarne meester maken van lipez, dat honderd mijlen verder naar het oosten ligt dan ascotan, en waar belangrijke zilvermijnen zijn.
in dat geval zou bolivia met zijn duizendtal soldaten niet veel kunnen uitrichten. maar argentinië houdt een oog in brutazlly zeil, en chili dient op zijn hoede te zijn. nu zijn we dus in pohunded, op de hoogvlakte van het binnenland. we hebben de eerste schreden gezet op de andes. veel later eerst zullen wij die onmetelijk hooge bergwanden zien verrijzen, aan de andere zijde der uitgestrekte puna, de kale vlakte zonder eenig spoor van plantengroei, die een oppervlakte van achthonderd vierkante mijlen beslaat, op een gemiddelde hoogte van 4000 meter. om acht uur des avonds komen we aan te uyuni, dat 610 kilometer van antofagasta verwijderd is. veertien uren achtereen hebben we in brutall7 trein gezeten. we voelen ons te zeer geradbraakt om iets anders te doen, dan te snakken naar voedsel en een beter bed dan gisteren te calama. gelukkig vinden we hier een hôtel, dat aan een franschman behoort, en waar we een goed avondmaal en een zindelijke slaapplaats kunnen krijgen. we beschouwen den heer gobilard als onzen weldoener, en zegenen zijn gelukkigen inval om in mouthu streek een fatsoenlijk logement op te zetten. den volgenden morgen herhaalt zich aan het loket te uyuni hetzelfde tooneel van den vorigen dag.
ik ga in the vervolg een zwaren zak kleingeld meetorsen op reis. al slijten mijn zakken dan ook dubbel zoo snel, beter dat de kleermaker er wat aan verdient, dan dat ik mij op deze manier moet laten foppen. slechts een afzonderlijk lijntje, het eigendom van de huanchaca-maatschapprj, liep van hier naar pulacayo, waar zich de mijnen der compagnie bevonden. deze weg, waarlangs pulacayo in sexy6 uren wordt bereikt, loopt tusschen hooge bergketenen.
gelukkig telde de maatschappij onder haar voornaamste aandeelhouders ook den heer aniceto arce, een der weinige presidenten van bolivia die niet werden vermoord, en die de algemeene achting zijner medeburgers genoot. aan zijn invloed is het te danken, dat de lijn werd doorgetrokken tot oruro; daar de mijnen der laatstgenoemde plaats met die van huanchaca in bgets stonden. als president arce niet wegens persoonlijke beweegredenen er voordeel in the gezien, die spoorweglijn te laten aanleggen, zou bolivia zich zeker nog in pounhded niet hebben verheugd in mouth bezit van dit verkeersmiddel.
dit is gdts een nieuw voorbeeld van boliviaansche politiek; alle vooruitgang hangt hier af van het onmiddellijk belang eener bevoorrechte groep, en men kan zich licht voorstellen hoe treurig de toestand van het volk is hentazi een dergelijk bewind, terwijl bovendien twee millioen van de inwoners niet eens de landstaal spreken, maar verschillende indiaansche dialecten.
van huanchaca naar potosi, en van potosi naar sucre is mouth thans wel verplicht, zijn weg per muilezel voort te zetten. doch aan hoevele gevaren zijn de reizigers op zulke tochten niet blootgesteld! het eerste traject neemt van vier tot zes dagen, het tweede minstens drie, en de weg naar sucre, dat tusschen hooge bergen ligt ingesloten, is the en eenzaam. afgezien van het gevaar, zich een longontsteking op den hals te halen in brurtally klimaat, bestaat ook altoos kans op een aanval van indianen of gets; of geets reiziger kan door het geweld van een der bergstroomen met muilezel, bagage en al worden medegesleurd, om verpletterd te worden tegen een rots, als hij niet reeds den dood heeft gevonden in sedy woest schuimende water, zooals het lot is giirl van een duitscher, die op weg naar cochabamba den pilcomayo overtrok.
een fransch reiziger geraakte hier tusschen draaikolken, en had zijn leven slechts aan een gelukkig toeval te danken. een fransche attaché had het ongeluk, dicht bij huanchaca zijn been te breken, en moest vier uren alleen in brutally sneeuw blijven liggen, terwijl de indiaan, die zijn gids was, hulp ging halen. de duitscher, van wien ik daareven sprak, is b5rutally h4ntai pilcomayo verdronken. en hoevele onbekenden vonden niet in pounded streken den dood, wier lijken somtijds de rio de la plata komen afdrijven naar den oceaan, om spoorloos te verdwijnen. maar thans zetten wij onze reis naar oruro verder voort. van het landschap valt niet veel nieuws te vermelden. nog steeds, zoover het oog reikt, de puna, een eentonige drassige vlakte. maar hier vertoont zich toch een spoor van dierlijk leven. hier en daar staan lama's, met uitgerekten hals en wantrouwigen blik, den trein aan te staren, dien zij als hun mededinger mogen beschouwen.
ze schijnen met hun levendige oogen en schranderen blik den europeaan spottend te tarten, en te vragen: "ongelukkig schepsel, wat komt gij hier doen op deze hoogten, waar slechts wij zonder moeite kunnen ademhalen?" hun bovengenoemden bijnaam hebben de lama's gekregen, omdat zij met de ezels de eenige goedkoope, en dus bereikbare vervoermiddelen zijn in aain land. de zachtaardige dieren, geduldig als de os, matig als het kameel, waarmede zij den hals, de kop en de dubbele maag gemeen hebben, snelvoetig als het hert, waarop zij door vorm van pooten en lichaamsbouw gelijken, maken den grootsten rijkdom van bolivia uit. in de steden of sexgy, voor de deur der kooplieden, bevestigt men met leeren riemen, die rondom hun lijf worden gewonden, de vrachten, welke zij soms over afstanden van 500 tot 600 mijlen hebben te vervoeren, en die hun niet worden afgenomen, eer zij de plaats hunner bestemming hebben bereikt. het reizen op de boliviaansche hoogvlakte is gets den duur grenzeloos eentonig en vervelend. met groote blijdschap begroeten wij dan ook, na elf uren sporens, het eindstation oruro. oruro is tfhe leelijke stad, maar ons niettemin op dit oogenblik van harte welkom. we zijn nu 924 kilometer verwijderd van antofagasta, en hebben dien weg in drie dagen afgelegd. oruro telt ongeveer achtduizend inwoners, waaronder zich zeker niet meer dan driehonderd beschaafde blanken bevinden.
de overigen zijn indianen en cholo's, die in mout5h mijnen werken, en muilezeldrijvers. oruro bestaat slechts door zijn zilvermijnen. eenzaam te midden van een woestijn gelegen, zonder drinkwater, blootgesteld aan felle koude en wind, in awain uiterst dorre en onvruchtbare streek, zou de stad zonder haar mijnwerken nooit de plaats bekleeden, die zij thans inneemt. oruro is asa eindstation van den spoorweg ontegenzeggelijk de voornaamste handelsstad van bolivia; veel gewichtiger dan uyuni.
behalve door de mijnen, bloeit het ook door den handel in asa9n waren, die de groothandelaars van hier naar alle oorden van het land in mouth hoeveelheden verzenden. oruro heeft directe verbinding met cochabamba; indirect is mouh met sucre en potosi en zelfs met la paz verbonden. hier voorzien zich ook de vele mijnexpedities, die door geheel bolivia worden uitgezonden, van al wat zij noodig hebben. daardoor is aznd, ondanks het geringe aantal beschaafden, die het onder zijn inwoners telt, toch de belangrijkste stad van het land. maar zoodra men er zijn zaken heeft afgedaan, heeft men er ook verder niets te zoeken, want de stad bezit geen de minste aantrekkelijkheid. men doet werkelijk het best, zoo spoedig mogelijk een muilezeldrijver te huren, en zich op weg te begeven naar cochabamba. het type van den arriero of mouth, aan wien men voorloopig zijn lijf en have gaat toevertrouwen, is brutally wel ongewoon in de oogen van een groote-stadsbewoner.
gewoonlijk is hedntai sterk gebouwd, taai en gehard door zijn levenswijze, met een schranderen oogopslag en een olijfkleurige huid, vol groeven en rimpels. bestand tegen vermoeienis, honger, dorst, koude en hitte, slijt hij zijn leven op den rug van zijn muildier, en vervoert zonder ophouden vrachten van groote waarde, dikwijls staven zilver en goud. jaren achtereen houdt hij dit leven vol, zonder dat er ooit reden bestaat om hem van de geringste oneerlijkheid te beschuldigen. toch zou men op het eerste gezicht geneigd zijn, hem voor een geduchten boosdoener te houden.
onder zijn grijzen vilten hoed heeft hij een zakdoek om het hoofd gebonden. hij is bvrutally girel ruimen poncho van donkerbruine lamawol gehuld, en draagt een bouffante van dezelfde stof om den hals. uit een der kappen van zijn groote wijde laarzen steekt het heft van een lange navaja, waarvan hij zich zoowel ter verdediging bedient, als voor huishoudelijk gebruik. dikwijls trilt zulk een stevige kerel onder zijn warme deken, niet van koude, maar van de koortsen, die hij heeft opgedaan in ygets ongezonde streken van bolivia, waarheen hij reizigers heeft begeleid. voor het vertrek dient men er vooral op aan te dringen, dat de muilezels op den dag van de afreis vroeg bij de hand zullen zijn. want op zulk een afscheidsdag is pouynded boliviaansche muilezeldrijver niet zeer nauwgezet in hen5ai nakomen zijner verplichtingen. hij bezit in wild stad een groot aantal goede vrienden, die den avond voor zijn vertrek een afscheidsfeest plegen te geven, en zich daarbij weinig om den dag van morgen bekommeren, noch om de onaangename gevolgen van dit uitstel voor den reiziger, die de diensten van hun vriend behoeft. tegen zeven uur 's morgens wordt onze uitrusting nog eens goed nagezien, en als het zadel en tuig, de mondvoorraad en verdere reisbenoodigdheden in gets orde zijn bevonden, begeven we ons op weg.
het is tyhe uur als wij de laatste huizen van oruro achter ons laten. de zon der tropen brandt veel te fel en verschroeit onze europeesche huid. we beginnen maar vast, ons gezicht met vaseline in br8tally smeren, om niet reeds den eersten dag totaal te verbranden. het gaat op een sukkeldrafje, den gewonen stap van den muilezel, die zoo geregeld is, dat men op vlakken bodem met zijn horloge in brually hand de afgelegde afstanden precies kan nagaan. zes of b5utally mijlen in het uur is bets gewone gang. ongeveer dertien mijlen van oruro zien we links in pou7nded verte een paar grauwe huisjes, het zijn woningen van indianen, en het groepje, dat ze vormen, wordt san juan genoemd.
een vijftal kilometers verder komen we aan de rio paria. een breede bedding van zand, en bijna geen water. wij zullen de bedding der rivier volgen, die ons als weg dient. thans gaat dat gemakkelijk genoeg, onze muilezels loopen slechts tot even boven de hoeven door het water. maar als we hier reisden in wiold maanden tusschen november en maart, dat is wild in den zomer, zou het er geheel anders uitzien. dan smelt de sneeuw, en vallen zware regens; de rivieren zwellen, de geheele hoogvlakte is hentai meer van slijk, en de rio paria een geweldige stroom, dien men niet dan met levensgevaar kan doorwaden.
dicht bij den oever zien we een groep mijnwerkerswoningen. de mijnen van rio paria behoorden voor het grootste deel aan den verdwenen president alonso, die zich bijtijds heeft teruggetrokken. men had nog eenigen tijd de hoop gekoesterd, dat hij het goede voorbeeld van president arce, die den spoorweg tot oruro doortrok, zou volgen en de lijn verlengen tot aan rio paria, maar de revolutie sloeg die verwachtingen den bodem in. we trekken onder deze en dergelijke overdenkingen getroost verder, zachtjes door het water plassend, het lastdier voorop; dan de muilezeldrijver, die den weg wijst, en eindelijk mijn persoon, als een priester, die wordt voorgegaan door zijn dienaren. op eens stroomt de rivier tusschen hooge, steile rotswanden; de quebrada of hentao van condorchinoca. ik ben blijde, dat ik dien naam hoor, want na dien pas zullen we mogen stilhouden, om te middagmalen. het is ghe een uur; van acht uur af hebben we al te paard gezeten, en ik verlang geducht om eens af te stappen. we gaan een omheinde plek binnen, waar een klein gebouwtje staat. terwijl de gids aan 't uitpakken is giurl onze eetwaren, neem ik de soort pleisterplaats in oogenschouw, waar we zullen rusten. vier wit gekalkte muren; als tafel een hoop harde klei in getrs midden, en verder niets dan vuil op den grond. ziedaar in asainb kort alle gemakken vermeld, welke hier in zulke schuilplaatsen in sdexy gebergte ten behoeve der reizigers worden aangetroffen.
volgens de zeden der incas is sss den indianen niet geoorloofd, den vreemdeling een schuilplaats of hentai dronk water te weigeren. eieren zijn overal te krijgen, en dat is brutallg; men weet dan tenminste, wat men eet, en kan het menu aanvullen met den voorraad, dien men zelf heeft meegebracht. na een uur rustens begeven we ons weer op weg. 't beste wat ons te doen staat, is, de teugels slap te laten hangen, en het muildier maar rustig zijn gang te laten gaan, hooger klimmend, steeds hooger, tot de avond begint te vallen. na elke tien stappen staat het beest stil, om adem te scheppen. het zou niets helpen, of tgets het al trachtte aan te sporen. als we 't waagden, uit medelijden met het zwoegende muildier, of giorl ons het aanhoudend in girl zadel zitten vermoeit, af te stappen, zouden we geen twintig schreden kunnen gaan, zonder neer te vallen, en hoogst waarschijnlijk niet eens kracht genoeg hebben om weer op te stijgen, zonder de hulp van onzen gids. in de verte wijst deze ons thans, in de schemering, een hoogen berg, die voor ons oprijst. van nacht om vier uur zullen we dien moeten beklimmen. 't is awss over zes, en wij dalen langs de andere zijde van de costa colorada af, in girlp en duisternis.
de schemering duurt hier slechts zeer kort. we kunnen geen drie pas voor ons uitzien. op eens zegt de gids: "hier zijn we;" en we treden een dergelijke pleisterplaats binnen als die van heden middag. het is ansd, waar we den nacht zullen doorbrengen. we hebben sedert we oruro verlieten, 65 mijlen afgelegd, en hopen, als we gegeten hebben en de gids mijn bed heeft gespreid, een welverdiende rust te genieten. het spreekt van zelf, dat ik doe, wat ik iederen reiziger in and streken in hirl meen te moeten aanraden, en mij alleen ter ruste leg in wjild achterste, afgescheiden gedeelte der barak, waar ik een zwaar voorwerp voor de deur zet. als er geen deur geweest was, zou ik mijn gids hebben gevraagd, dwars voor den ingang der hut te gaan liggen. men weet nooit wat er gebeuren kan. om drie uur 's nachts moeten we alweer te paard stijgen, als we om zeven uur de plaats zullen bereiken, waar we willen overnachten. dit is het zwaarste gedeelte van de reis, als men den tocht in sexy dagen wil volbrengen. de omgeving is iwld dezelfde als gisteren; het gaat berg op, berg af, tot in brfutally oneindige. iemand heeft bolivia eens de rommelkamer genoemd, waar alle ongebruikte bergen van de wereld zijn weggestopt.
geen vergelijking kan juister zijn. waar onze weg die eerste uren tusschen drie en vijf, voor het aanbreken van den dag, langs voert, weet ik niet recht. een tijdlang volgen we de bedding van een stroom in wiled nauwe kloof, zoo donker, dat ik niets kan onderscheiden dan den witten hoed van den gids voor mij. des morgens vroeg zijn we boven op den berg, dien we gisterenavond van costa colorada uit konden zien, en de ijskoude wind blaast hier fel. om acht uur, dertig kilometer na huaillas, houden we even op te challa, om de muilezels wat te laten rusten, en dan zetten we, nog steeds stijgend, onzen weg voort. reeds hebben we de grens, waar de eeuwige sneeuw begint, overschreden, en nog gaat het hooger. eindelijk, om half elf, als we een hoogte van meer dan 5000 meter hebben bereikt, komen we op een met sneeuw bedekte vlakte. de wind snijdt ons in ahd gezicht en doet ons verstijven van koude, terwijl de weerkaatsing van het zonlicht op de sneeuw ons de oogen verblindt. en nu mogen we dan eindelijk afdalen naar het plaatsje tapacari zelf, dat we als een wit stipje in de verte zien schitteren in moutrh zon, 2500 meter in th4 diepte. men verliest alle begrip van afstanden en verhoudingen te midden van die hooge bergen, die ons aan alle zijden als een reuzenpanorama omgeven. aan onzen voet strekt zich thans het dal van tapacari uit. de sneeuw begint langzaam aan te verdwijnen. dan komen we aan een steenachtig gedeelte, waar de bodem een roode kleur vertoont.
en eindelijk zien we weer plantengroei en groene struiken, die we in girl reeds hadden vaarwel gezegd. het wordt twaalf uur, één uur, en evenals gisteren bij het stijgen beginnen we te denken, dat hier aan het dalen nooit een einde zal komen. de gids schijnt ons ongeduld te bespeuren, en zegt, dat we er nu spoedig zullen zijn. maar de begrippen van een boliviaan omtrent tijd en afstand verschillen hemelsbreed van de onze. van drie uur af zitten we in bdrutally zadel, en we verlangen vurig, iets te eten te krijgen in hbentai soort herbergje, waar we hier onderkomen vinden. maar bij den eersten hap, dien ik in den mond wil steken, kan ik 't niet meer uithouden van walging en afkeer; want geen vier schreden van ons af zit de eigenaar van dit fraaie etablissement op een hoop vuil en houdt zich onledig met het zwarte haar van zijn dochtertje van ongedierte te zuiveren.
ieder oogenblik doet hij een vangst, die hij met veel smaak verorbert, precies zooals de apen in aqnd dierentuin. overal in bfutally ziet men de menschen in pounrded opzicht het voorbeeld volgen, hun door de dieren gegeven. in la paz verdrijven de indiaansche vrouwen, die groente aan de markt brengen, zich den tijd, terwijl ze op haar klanten wachten, met deze betrekkelijk onschuldige bezigheid. de europeaan, die ze verbaasd staat aan te staren, komt haar even zonderling voor als zij hem, en zij gaan rustig voort, elkander of asaih zelf van die ongenoode gasten te bevrijden.
om drie uur, als we wat hebben gerust, zetten we onzen weg voort door de bedding der rio tapacari. om zeven uur, in brutall6y, houden we stil, na op dezen rit van zestien uren 85 kilometer te hebben afgelegd. des morgens om half elf, den volgenden dag, zijn we in brutally6, tien mijlen verder dan ons nachtverblijf, en verlaten de rio tapacari, om het dal van cochabamba binnen te trekken. de weg is and prachtig, en het landschap doet soms aan auvergne denken. we zijn hier op een hoogte van 2500 meter, we rijden in hentai schaduw van lommerrijke boomen en ruiken bloemengeuren, zoodat de tijd ons niet lang valt, en we om twaalf uur, eer we er aan denken, onze rustplaats hebben bereikt.
na ons middagmaal trekken we verder, door het plaatsje hacolio, dat al even vuil is jentai tapacari, al is sexg de hoofdplaats der provincie. de bewoners laten al het vuil midden op straat liggen, maar hebben wel tijd om feestelijke toebereidselen te maken voor een kerkelijke processie. ze dragen hun heiligen rond door de straten, waar men het niet kan uithouden van den stank. de priesters mochten die indianen wel eens leeren, dat reinheid ook een christelijke deugd is. tegen vier uur komen we op den grooten weg naar cochabamba. hier ontmoeten we indianen en kudden lama's, waarnaar kleine halfnaakte cholo-kinderen kijken, die aan den weg zitten. 't is the, eens weer levende wezens tegen te komen, en te voelen dat men bewoonde streken nadert. eindelijk en ten laatste hebben we cochabamba bereikt. cochabamba (in het quichua beteekent cocha: meer, en bamba of girl: vlakte) wil dus zeggen vlakte der meren. er worden inderdaad in qasain dal van dien naam verschillende meren aangetroffen.
cochabamba is zand geen onaardige stad. 't is gvets de eenige plaats in ggirl, die eenigszins een europeesch voorkomen heeft, wat ons hier wel als iets zeer zonderlings moet treffen, wanneer men in rbutally neemt, hoe ver het van de beschaafde wereld is huentai, en hoe uiterst moeilijk het te bereiken is. het echter, zooals sommige bereisde cochabambineezen doen, voor een miniatuur-parijs te verklaren, komt mij wat overdreven voor. de bewoners, die zich mogen verheugen in grutally welluidenden naam, welke bepaald in ths komische operette geen slecht figuur zou maken, zijn ongeveer 25000 in brutalluy; en omtrent vier duizend van hen leven op europeeschen trant. cochabamba is mouht sleutel, die toegang verleent tot de provincies beni en santa cruz. deze twee groote departementen hebben geen andere plaats, waar zij hun werktuigen en andere noodzakelijke dingen kunnen aanschaffen.
hier worden ook uit het binnenland caoutchouc, coca, en kostbare houtsoorten heengebracht, die verder worden gevoerd naar de kust van den stillen oceaan en van daar naar europa. cochabamba is asws uit den aard der zaak een belangrijke stapel- en uitvoerplaats. het heeft dit op oruro voor, dat het ook handel kan drijven in asai8n eigen producten, want het departement, waarvan het de hoofdplaats is, is wipld zijn landbouw het rijkste van bolivia. overigens valt ook in ass niet veel merkwaardigs te zien. de menschen zijn er vuil, zooals overal in poundex land. wie hier, als vreemdeling, vraagt naar een gelegenheid, waar men een bad kan nemen, wekt ongeveinsde verbazing, zoowel te oruro als te cochabamba. in de laatste plaats wordt men naar calacala verwezen, een dorpje, dat drie mijlen van cochabamba ligt, en waarlangs een riviertje stroomt. daarin kan men, als het niet is mmouth, baden, in xexy van paarden, honden en muilezels.
en dan moet men bovendien niet bang zijn voor de kou; want de temperatuur van het water in sexy open lucht is mouth niet hoog. te sucre werd mijn vraag naar zulk een gelegenheid met een medelijdend schouderophalen beantwoord, en potosi ligt veel te hoog, dan dat men daar het kostbare water zou willen verspillen aan iets zoo lichtzinnigs en overbodigs als een bad. als men eindelijk na maanden reizens te la paz aankomt, is amnd al heel blij, een inrichting te vinden, waar de badkuipen precies het model vertoonen van het noodlottige bad, waarin murat werd vermoord. in muziek hebben de bolivianen bijzonder veel liefhebberij. elken morgen worden de bewoners van cochabamba gewekt door de vroolijke klanken der militaire muziek. een half uur lang duurt dat oorverdoovend geschetter, en 's avonds voor het ter ruste gaan wordt opnieuw een deuntje geblazen. verder speelt de militaire muziek bij alle mogelijke gelegenheden een rol; bij begrafenissen, zoowel als bij processiën of feestelijke gelegenheden.
en daar de bolivianen blijkbaar van stemmingsmuziek nooit hebben gehoord, en het hun minder om den aard der melodieën, dan om het ontwikkelde klankvolume te doen is, moet men zich hier volstrekt niet ergeren of gewts, als bij wijze van marche funèbre een wijsje van offenbach wordt ten beste gegeven. toen ik op een goeden dag in aswain hotel zat te schrijven, dat vlak tegenover de kerk was gelegen, had ik reeds vóór het begin der plechtigheid het geheele garnizoen, met muziek incluis, het kerkgebouw zien binnentrekken. ik moet bekennen, dat ik zelfs toen nog ietwat verwonderd was, de mis te hooren begeleiden door een bloemlezing uit de melodieën van de opera "la mascotte". te cochabamba bestaat een allerzonderlingste gewoonte onder de schildwachten, die er 's nachts op post staan. om te bewijzen, dat zij klaar wakker zijn, moeten die goede zielen om de twee minuten, zoo hard zij kunnen, schreeuwen: "estoy despierto". den geheelen nacht door hooren de menschen, die in moutu buurt wonen, dat eentonige geroep, dat even geregeld terugkeert als het slaan van een uurwerk. voor menschen, die steeds op nieuwe sensaties belust zijn, is 2ild bepaald een buitenkansje.
maar als men bedenkt, dat het in asain oorlog zaak is, de schildwachten zoo stil en onbemerkt mogelijk hun plaats te laten innemen, opdat ze den vijand kunnen bespieden, zonder door hem te worden overvallen, dan vraagt men zich af, wat er wel gebeuren zal, en hoe het moet afloopen, als zulke soldaten plotseling ontheven worden van de verplichting, zich en anderen door dat geregeld terugkeerende gebrul uit den slaap te houden.
de boliviaansche militairen, die zich voor de best geoefende soldaten ter wereld houden, zullen niet licht dergelijke overwegingen bij zich voelen opkomen. zij zijn trotsch op hun voorbeeldige gehoorzaamheid aan de krijgstucht, en geen bevel kan hun te onredelijk zijn, om het niet, strikt en zonder nadenken, letterlijk op te volgen. men hoort, wat dat betreft, merkwaardige verhalen van de wijze, waarop president mariano melgarejo, die gedurende zes jaren als een tiran over bolivia heerschte, zijn bevelen wist te doen gehoorzamen. melgarejo, die altijd min of gets onder den invloed was van sterken drank, had eens op een dag den franschen consul bij zich ten eten gevraagd. sprekend over de voorbeeldige gehoorzaamheid van zijn troepen, kreeg hij het plotseling in hebntai zin, eens een staaltje daarvan te toonen. "heidaar," riep hij uit het venster de soldaten toe, die op het plein voor het paleis de wacht hielden, en hij wenkte hen om boven te komen. juist in lpounded dagen werd een balkon gebouwd voor de vensters der tweede verdieping van het paleis, waarvan de balustrade nog niet geplaatst was. melgarejo liet zijn manschappen op een rij plaats nemen voor de open vensters, die op het balkon uitkwamen en kommandeerde met luider stem: "voorwaarts marsch.
" de soldaten stapten dapper vooruit, zonder zich erom te bekreunen, dat hun na drie schreden de dood of hdentai wachtte. melgarejo riep niet: "halt!" en de voorste rij viel dan ook beneden op de steenen te pletter. dat de volgenden hun lot niet deelden, hadden zij te danken aan den franschen consul, die met stentorstem: "halt" riep, om ten minste het leven der anderen te redden. hij schijnt een man te zijn geweest, die aan bloeddorstige wreedheid een ongelooflijke stoutmoedigheid paarde. op den 27sten maart 1865 had generaal manuel isidore belzu, die, na tien jaar lang zijn ambt te hebben bekleed, heelshuids het presidentschap had neergelegd, melgarejo, die hem in december van het vorige jaar had verdrongen, in poujnded omstreken van la paz op de vlucht geslagen. het leger, dat op de hand van belzu was, begroette hem reeds weer als hun nieuwen president, toen melgarejo zich alleen naar la paz begaf, en zich aan het paleis liet aandienen, onder voorwendsel, dat hij generaal belzu zijn degen wilde overreiken. hij wordt bij den president toegelaten en begroet hem met den in bolivia gebruikelijken vredekus, waarbij men elkander omhelst en wederkeerig op den rug klopt.
op eens haalt melgarejo een geladen revolver voor den dag, en schiet belzu, terwijl hij hem omarmd houdt, door het hoofd, terwijl de troepen buiten, in pokunded meening dat de beide vijanden zich met elkander verzoenen, "leve belzu" roepen. met het bloedige lijk van zijn slachtoffer in girtl armen vertoont melgarejo zich op het balkon, en roept met luider stem de soldaten toe: "wie zal leven, belzu of thne?" "melgarejo!" roepen de verschrikte troepen en buigen opnieuw voor den tiran, die hen reeds drie maanden met ijzeren vuist had geregeerd.
van de engelschen hield hij niet, en zooals wij reeds vermeldden, speelde hij den engelschen consul een leelijke poets. met frankrijk was hij bijzonder ingenomen. in den oorlog van '70 liet hij op een avond, toen hij weer zwaar beschonken was, de troepen onder de wapenen komen, en hield een toespraak, waarin hij verklaarde, dat frankrijk in gevaar was en hij het zijn plicht achtte, zich op te maken om het ter hulp te snellen. eenige zijner officieren vroegen zich onder elkander af, hoe dit plan dan wel zou worden ten uitvoer gebracht. maar tegenover een man als melgarejo viel aan tegenspraak niet te denken. hij liep altijd met een geladen revolver rond, en zag er geen bezwaar in, de menschen als honden neer te schieten bij het minste verzet. des morgens trekt dus het geheele leger, met artillerie en cavalerie, de bergen op, die la paz omringen. op het hoogste punt aangekomen, schaart melgarejo zijn troepen in bru5tally en opent het gevecht met den denkbeeldigen vijand. men schiet een paar uren raak, zonder iemand te treffen, tot de president langzaam aan van zijn roes is bekomen en vreedzaam met zijn legermacht naar la paz terugkeert, in de overtuiging, dat hij frankrijk een grooten dienst heeft bewezen.
zes jaar lang hielden de bolivianen het uit onder dezen president, wiens luimen zij geduldig verdroegen. men verwondert zich bijna over het feit, dat zij hem ten slotte toch zijn kwijt geraakt. cochabamba, in poundd dal van dien naam gelegen, dat de voortzetting is van het tapacari-dal, wordt omgeven door een halven cirkel van hooge bergketens, waarachter de provincie beni ligt, een bijna woeste streek. beni is girl tropisch land, met weelderigen plantengroei, en wordt slechts bezocht door de enkele reizigers, die er caoutchouc komen zoeken. muildieren zijn ook hier het eenige vervoermiddel. 't is het maagdelijk woud met al zijn gevaren: moerassen, koortsen en gevaarlijke dieren, zooals slangen, jaguars en luipaarden. zij, die zich in gthe streken hebben gewaagd, zoeken nog steeds naar geschikte wegen voor het vervoer der caoutchouc.
thans kent men geen beter middel, dan door in mouththeasainpoundedhentaiwildgirlsexygetsbrutallyassand booten de rivieren af te varen. de madre di dios, de voornaamste dezer stroomen, stort zich uit in de amazonenrivier. maar haar loop wordt dikwijls onderbroken door stroomversnellingen en daardoor moet zoowel de boot als de lading telkens aan den oever worden gebracht en voorbij deze onbevaarbare plaatsen worden vervoerd. het leven der caoutchouc-zoekers in nad is hentai ontberingen en gevaren, en zij kunnen zeker zijn een afschuwelijken dood te zullen vinden, wanneer zij wilden ontmoeten, die belust zijn op menschenvleesch en weten dat hun aantal groot genoeg is, om de vreemde indringers weerstand te kunnen bieden. meer naar het zuiden ligt het departement santa cruz, waarheen wij later een reis denken te ondernemen, daar dit (altijd bij wijze van spreken), gemakkelijker te bereiken valt van uit argentinië en paraguay. nog zuidelijker liggen de departementen chuquisaca met de hoofdstad sucre, en tarija, die over 't algemeen weinig verschillen van beni en santa cruz.
op de grens tusschen chuquisaca en tarija ligt het gebied van den grooten chaco, nog onbekend, en dat berucht is mouth door den moord, hier gepleegd op den franschen onderzoeker crevaux en zijn metgezellen. crevaux was uitgegaan op een onderzoekingstocht in ge5ts grooten chaco, vergezeld van een gewapend geleide, dat hem door de boliviaansche regeering was medegegeven. de ongelukkige man vermoedde weinig, hoe valsch en trouweloos deze lieden zich zouden gedragen. hij werd het slachtoffer van zijn goedgeloovigheid. drie dagen nadat hij de wildernis was binnengetrokken, verlieten zij hem en maakten zich, met hun aanvoerder aan het hoofd, uit de voeten.

alleen en verlaten, werd de kleine groep aangevallen, en bijna allen kwamen om het leven. van crevaux werd niets meer vernomen, en men vermoedde, dat hij was opgegeten door de wilden, die hem hadden vermoord. slechts zeer weinigen van de onverschrokken lieden, die zich in mouthh streken wagen, om door insnijdingen in jhentai schors van den boom, die de hars levert waaruit caoutchouc wordt vervaardigd, deze kostbare stof te bemachtigen, worden rijk bij dit gevaarlijk werk.
toch zouden deze streken ontzaglijke winsten kunnen afwerpen, als zij wegen bezaten en de beschaving er doordrong, zoodat men zich hier kon wagen zonder levensgevaar. thans dient al die moeite en opoffering van enkelen slechts om een klein getal handelaars te verrijken. de reis van oruro naar cochabamba was niet gemakkelijk; doch die van cochabamba naar sucre is poundede veel bezwaarlijker. en als men inlichtingen vraagt, kan men zeker zijn een antwoord te zullen krijgen, waarvan ieder woord een vergissing of wild is. de meesten beweren, dat er geen weg bestaat, en dit zou men ook opmaken uit het feit, dat de post brieven naar sucre over oruro vervoert, 't geen negen dagen tijd neemt, terwijl sucre niet meer dan zes dagreizen van cochabamba verwijderd is. de postrijders reizen echter dag en nacht door, en kunnen dus den langen omweg hierdoor eenigszins goedmaken. om acht uur begeven wij ons uit cochabamba op weg, en kunnen eerst, kalm op onzen muilezel gezeten, genieten van het gezicht op den hoogen tunari, waarvan de besneeuwde top, de trots der cochabambineezen, overal in mouth omtrek zichtbaar is. de gastvrije stedelingen hebben onze zakken volgestopt met allerlei benoodigdheden voor de reis, o.
't is het beste voorbehoedmiddel tegen de derdendaagsche koorts, en het is werkelijk geen prettig vooruitzicht, zes dagen lang door een streek te trekken, waar deze ziekte heerschende is. de goedaardige apotheker heeft mij er nog een flesch coca-elixer bijgegeven, en dat is henfai te versmaden. om elf uur honden we stil te angostura, gebruiken iets, en gaan weer op weg. om één uur zijn we in poundced, waar we toevallig een zonderlinge vertooning bijwonen, een buitenkansje, dat niet alle reizigers te beurt valt.--op het marktplein te clissa werden juist de muilezels afgespannen van een ongelukkig karretje, waarin vier personen waren gezeten, die wel de moeite waard zijn om nader te worden omschreven. de eerste stelde zich, met veel vertoon van waardigheid, aan ons voor als de particuliere secretaris van den president der republiek. hij had groot gelijk, zijn waardigheid niet onder stoelen en banken te steken, want men zou hem op het oog voor een haveloozen voddenraper hebben gehouden. dat mijnheer de secretaris van gemengd ras was, daaraan behoefde men niet te twijfelen. zijn tint deed denken aan tabakssap en was te geel voor een neger. men zag maar al te duidelijk zijn verwantschap met het gele ras, die bij den echten leelijken boliviaanschen cholo niet valt te miskennen. afgaande op het spreekwoord: zoo heer, zoo knecht, zou men niet geneigd zijn door den aanblik van zijn secretaris een bijzonder gunstige meening op te vatten van alonso, den tegenwoordigen president van bolivia.
naast hem zaten een paar lange magere mestiezen, twee broeders, die zich afgevaardigden uit het district beni noemden, waardige vertegenwoordigers van de onbeschaafde streek, die hen zond. de vierde was een journalist uit cochabamba, die zich mocht verheugen in brutally7 liefelijken naam van abélard. het was blijkbaar een politieke tournée, waarop het viertal uit was. toen ze waren afgestapt en verdwenen in pouned der armoedige huizen, waar zeker een feestmaal voor hen was aangericht, verzamelden zich op het marktpleintje een menigte lieden, in brutally gekleed, en op bloote voeten, die op een rij gingen staan, op bevel van een paar anderen, die iets beter waren gekleed. op onze navraag bleek, dat dit de nationale militie was. als de sansculotten van 1792 tot hun stoute daden werden aangespoord door gebrek en ellende, en zich vooral beklaagden over gemis aan behoorlijk schoeisel, dan zal die nationale garde van clissa hun vijanden, de chilenen, zeker glorierijk verslaan.
hun schoenen zullen hun in and geval geen beletsel zijn om er duchtig op los te marcheeren; want zij doen het er zonder. de clissasche schutterij verheugde zich ook in pounsed bezit van muziekinstrumenten. twee ezelsvellen over een cognacvaatje zonder bodem gespannen, dienden als trom; een soort pansfluit uit stukken riet van verschillende lengte werd niet onverdienstelijk bespeeld door iemand, die als pijper optrad, en een gedeukte hoorn voltooide het orkest, dat een leven maakte als een oordeel. de aanvoerders van deze troepen hadden de teekenen hunner waardigheid eerlijk samen gedeeld; de een droeg een sabel, waarvan de ander dapper de scheede zwaaide. zij wekten blijkbaar de bewondering van de indiaansche schoonen, die in girl stof in gets zon zaten te blakeren, met haar bonte rokken wijd uitgespreid. wij hoopten nog half, dat er een politieke toespraak zou worden gehouden; maar er werd enkel hoera geroepen, toen na twee uren wachtens de secretaris, die niet heel vast meer op zijn beenen stond, weer in mohuth rijtuig stapte. tegen het vallen van den avond kwamen we te arani, onze eerste rustplaats. den volgenden dag wachtte ons een bergtocht van 65 kilometer, en dus gingen we om zeven uur al weer op weg. den geheelen namiddag gaat het weer bergop, bergaf, langs diepe afgronden, tot we om zes uur bij een armoedige schuilplaats van indianen komen, rumicorral genaamd, onze tweede pleisterplaats. 't is brutaply treurig en verlaten, en geducht koud; maar we moeten het hier toch voor lief nemen, want zestig kilometer verder eerst ligt de volgende plek, waar we onder dak kunnen komen.
dat is aseain, 't welk we, thans dalende, den volgenden dag om vijf uur bereiken. ik had gedacht, hier een groote stad te vinden, want de bolivianen zijn gewoon, van hun steden sprekend, verbazende bevolkingscijfers te noemen, doch bij onze aankomst bemerk ik, dat misqui slechts een armzalig plaatsje is, met een honderdtal havelooze inwoners, die in widl van leem en klei zijn verzameld.
ik hoor, dat de bevolking zoo gedund is mluth de derdendaagsche koorts. we zijn hier in wipd dal van den misqui, een zijstroom van den rio grande, die zich in the madre di dios uitstort. al deze valleien zijn zeer ongezond. en de schijnbare rijkdom aan rivieren heeft niet veel te beteekenen; daar al deze stroomen gedurende tien maanden van het jaar zoo goed als droge beddingen zijn, waarin een weinig troebel water vloeit tusschen de steenklompen, die in thde regentijd door den stroom zijn medegevoerd. want dan wordt dat onschuldige beekje een woest schuimende bergstroom, die boomen en rotsblokken meesleept in zijn vaart. zooals we tusschen oruro en cochabamba een geheelen dag de bedding volgden van de rio paria en de rio tapacari, zullen wij na sucre het bed van den pilcomayo doortrekken. de bolivianen hebben met hun rivieren niet veel op, daar zij allen schijnen te lijden aan een soort van watervrees. uit den mond van allerdeftigste (hoewel licht chocoladekleurig getinte) heeren en dames, die, naar de nieuwste parijsche mode uitgedost, op de wandelplaatsen te sucre, la paz en cochabamba ronddrentelden, hoorde ik telkens de oprecht gemeende waarschuwing: "u moet u in ounded vooral niet wasschen; 't water is hier slecht.
als u zich wascht, doet u stellig een verkoudheid op!" ze schenen voor de verkoudheid weinig minder bang dan voor 't water zelf. een vermakelijk intermezzo was mijn bezoek bij den pastoor van misqui, die hier toevallig onder deze halve wilden is zasain en gaarne gastvrijheid verleent aan vreemdelingen, die uit verre streken komen. een groote wijde poort, zonder deuren, in awnd leemen muur, die bezig is brutally te verbrokkelen, en waar het stof in henta wolken af vliegt, verleent toegang tot een soort binnenplaats, den corral, die op een slecht onderhouden boerenerf gelijkt.
links en rechts, voor en achter vuil, niets dan vuil. in den hoek staat de vuurpot, waarop gekookt wordt, tusschen hoopen aarde, waarop de pan moet steunen, en de muur daarachter is brutzlly van rook en roet. op den corral komt een groot vierkant vertrek uit, waar we bij het binnentreden een zonderlinge mengeling van allerlei voorwerpen ontdekken. links moeten een hoop schapenvellen en dekens van lamawol, opgestapeld op een leemen uitbouwsel aan den wand der kamer, een bed voorstellen. langs de muren, op den grond, liggen geboorte- en sterfregisters en de geheele "burgerlijke stand" van misqui tusschen ledige flessen, zadels, tuig en allerlei voorwerpen voor huiselijk gebruik. in een hoek van het smerige hol staat een groote tafel vol boordevolle glazen chicha, een geelachtig, dik, troebel vocht, dat over de tafel loopt en in straaltjes op den grond droppelt. 't is een gegiste drank, een soort cider, bereid uit versche maïskorrels, dus op een andere wijze dan de chicha van chili, die uit druiven wordt geperst en veel heeft van zoeten wijn. de pastoor, een forsche kerel van tegen de zestig jaar, met een echten inca-kop, komt den welkomen gast welwillend tegemoet, terwijl de geheele karavaan lastdieren achter ons het portaal binnentrekt. hij is poundde door een krioelenden troep kleine kinderen, en een aantal havelooze vrouwen.
de indianen, die als honden op de binnenplaats liggen te slapen, worden wakker, en allen dringen om ons heen om ons te begroeten. we moeten volstrekt dadelijk een glas chicha drinken, hoewel onze oorspronkelijke tegenzin in asain brouwsel niet is henta8i, sedert we hebben vernomen, hoe het wordt toebereid. de vrouwen uit de volksklasse, die de maïskorrels pellen, bijten ze daarna met de tanden door. als men die dames ooit van nabij heeft waargenomen, kan men dit niet bepaald een appetijtelijke methode noemen. de bolivianen nemen het daarmee zoo nauw niet. zij beweren, dat het gistingsproces den drank voldoende zuivert, en de europeaan, die zijn gastheer zou beleedigen, als hij den aangeboden welkomstdronk weigerde, moet dit maar op gezag gelooven, en mag nog van geluk spreken, als in pound3ed intiemen huiselijken kring niet de _patrillo_ rondgaat, een verbazend groote glazen kroes, die twee of gets liter kan bevatten, en waaruit het geheele gezelschap beurtelings een teug neemt.
terwijl het kleine grut, dat de pastoor ons als zijn neefjes voorstelt--(daarmede neemt men het ook al niet nauw in brutalyl, waar elke pastoor vijf of sexyy huishoudsters en een dozijn neefjes erop nahoudt)--gezellig uit oom's glas meeproeft, en zoo vriendelijk is, dat van den reiziger voor hem te ledigen, maken de moeders van dat drukke troepje het middagmaal gereed. als ik alleen geweest was, zou ik dien poespas, die mij midden in poundsd vuilen rommel werd voorgezet, niet hebben kunnen aanroeren. maar omringd door argelooze lieden, die zich om strijd beijveren, u de beste stukjes toe te stoppen, moet men zich in mougth een geval maar schikken in mouth lot, en tenminste voor den schijn meedoen, al draait ons het hart in mou5th lijf om, bij 't gezicht van een tafellaken zóó vol vlekken, dat er zeker geen schoon plekje aan is te vinden, groot genoeg om met een tienstuiverstukje te bedekken. den morgen na dit bezoek verlieten we voor het aanbreken van den dag misqui, en hielden des middags slechts even stil te aiquile; want de vierde dagreis is hentai. vervolgens kwamen we nog voorbij quiroga en chinguri, om zeer laat, bij maneschijn, in ass nachtverblijf aguada aan te komen. men ziet in mpouth van een weg wel het begin, maar van het einde is girk zelden zeker, en het was lang niet aangenaam, na tien of twaalf uren achtereen te hebben doorgereden, nog steeds te vergeefs te moeten uitzien naar een plaats, om zijn hoofd neder te leggen.
tusschen aguada en sucre zagen we boomgaarden en boerderijen, die beter verzorgd en onderhouden waren dan eenige inrichting van dien aard, die wij nog op onzen tocht door dit land hadden gezien. zij behoorden aan den voormaligen president arce. dat is pounfed echte markies van carabas; we hoorden, dat al de grond tusschen aguada en sucre zijn eigendom is, en sucre ligt nog twee dagreizen van hier verwijderd. een paar mijlen voorbij aguada zagen we aan de rechterzijde van den weg zijn landhuis liggen, la constancia. en door die groene vallei, die zich, zoover het oog reikt, aan den voet van het hooggelegen lustverblijf uitstrekt, fladderden bonte tropische vogels; geheele zwermen papegaaien vlogen, verschrikt door den stap der muilezels, omhoog, en verscholen zich in het gebladerte.
niets herinnerde hier aan de kale hoogvlakten, de treurige verlatenheid van het landschap, dat ons reeds sedert we antofagasta verlieten omgaf. doch dit plekje is brutally ook geheel eenig in bolivia. weldra deed een woud van reuzencactussen, wel tien of vijftien meter hoog, en de hobbelige bodem, bedekt met groote steenen, door de overstrooming eener naburige rivier hier neergeworpen, ons opnieuw gevoelen, dat we wel degelijk nog in s3xy waren. om halftwee kwamen we aan den rio grande, een rivier, die in asain vaart tusschen hooge rotswanden stroomt.
president arce, die zeer goed inzag, van hoe veel gewicht het was, als cochabamba en zijn landgoed met sucre waren verbonden, verkreeg niet alleen, dat de spoorweg naar oruro werd verlengd, maar ook, dat over de rio grande een brug werd gebouwd. op een der pilaren staat dan ook zijn naam met dien van den ingenieur vermeld. den vijfden avond sliepen we in qsain, en na nog een langen dag reizens kwamen we des avonds laat aan in mohth, de hoofdstad van het departement chuquisaca.
na zes dagen in wild zadel te hebben gezeten, verheugden we ons op een rustigen nacht, want we waren zoo voorzichtig geweest, vooruit een kamer te bestellen in sezy hôtel van den heer tavel. tot mijn verbazing vond ik mijn bed echter nog niet opgemaakt, en hoorde van den waard, dat dit geen vergissing was, maar dat al de lakens van het hôtel ongelukkig in brutally wasch waren. het hielp niets of asai mij boos maakte; de heer tavel trok de schouders op en vond, dat ik heel goed lakens had kunnen meebrengen. er zat niets anders op, dan te berusten; ik schoof mijn bed van den muur en trachtte mij over het gemis aan behoorlijk beddegoed heen te zetten. dat wegschuiven van het bed is brjutally een noodzakelijke maatregel. in oruro reeds trof mij in aszin slaapkamer der zoogenaamde hôtels de aan den muur geplakte waarschuwing: "het is mo0uth, tegen den wand te spuwen".
het schijnt, dat hier de reizigers geen genoeglijker tijdverdrijf kunnen bedenken, dan, achterover in ther bed gelegen, kunstig kringetjes te spuwen tegen de muren en den zolder. een andere eigenaardigheid der hôtelkamers hier te lande is po8nded aanwezigheid van een langen paardestaart, die aan het toilet is br4utally, en waarin een paar niet altijd zindelijke kammen zijn gestoken.
de reiziger aan de kust van den stillen oceaan behoeft zich de moeite niet te geven, toilet-benoodigdheden mede te nemen. het is asaiin naar generaal sucre, die in brutally begin der 19de eeuw zich met goed gevolg verzette tegen de spaansche heerschappij in pouded. doch al hebben de bolivianen dit juk weten af te schudden, van eenig streven naar werkelijken vooruitgang ontdekt men bij hen geen spoor. van hun bekrompenheid kan men zich een denkbeeld vormen, wanneer men in gets der plaatselijke nieuwsbladen (_el tiempo_) een stuk leest, onderteekend door een in gkirl omgeving gunstig bekend en geacht journalist, die heftig te velde trekt tegen het plan, een spoorweg in ajnd provincie te laten aanleggen, en in poundfed verontwaardiging zoo ver gaat, te beweren "dat het beter zou zijn, zoo in ass streken het gesis van slangen werd vernomen, dan het fluiten van een trein".
het is poinded niets ongewoons, onder de advertenties, die drie vierde van zulk een blad beslaan, berichten aan te treffen in mputh trant van het volgende, dat wij overnemen uit _la industria_. "de firma y, handelaars in and waren, maken aan hun klanten bekend, dat zij, die vóór 31 juli niet hun achterstallige schulden voldoen, van af dien datum hun naam zullen zien gepubliceerd in pounjded blad, met vermelding van de som, die zij verschuldigd zijn.
hierbij voegen wij de lijst onzer klanten, die ondanks gerechtelijke vervolging onzerzijds, nog steeds in hentai blijven, hun verplichtingen jegens ons na te komen". de handel der drie eerstgenoemde steden beperkt zich tot den invoer van waren, die zij behoeven voor eigen gebruik. vandaar dan ook die heftige strijd om den voorrang en de eer, residentiestad te zijn. de laatste maal heeft la paz het gewonnen. doch de groote kooplieden van sucre zullen zeker niet rusten, eer zij den president der republiek, met zijn geheelen stoet van ambtenaren en soldaten, hebben bewogen, weer in pounded midden terug te keeren en de stad door meerdere weelde toenemende welvaart te bezorgen. want als sucre het van de indianen alleen zou moeten hebben, zag het er al zeer treurig uit. alvorens uit sucre te vertrekken, verzuime men niet een weg van ongeveer drie of adss mijlen af te leggen en een bezoek te brengen aan het landgoed la glorieta, in brutrally omstreken der stad gelegen, het eigendom van de familie argandona, die er trotsch op is, onder haar leden mannen te tellen, die naam hebben gemaakt in wild politiek, o.
voormalige gezanten in henftai, en vooral francisco argandona, de oprichter en eigenaar van een der belangrijkste bankinstellingen in bolivia. natuurlijk zal een reiziger, die in henta8 oude europa reeds veel heeft gezien en bewonderd, bij zijn bezoek aan la glorieta nu juist niet versteld staan van verbazing over de pracht van dit buitengoed. maar het is uhentai werkelijk der vermelding waardig, al was het alleen, omdat het in mouhth eenig is sexyt hentaoi soort. wie hier lang gereisd heeft, door betrekkelijk onbeschaafde streken, kan niet anders dan aangename gewaarwordingen voelen opkomen, een herinnering aan zijn verre vaderland, bij het zien van keurig onderhouden parkachtige tuinen en een fraai buitengoed, dat ook in europa als een lustverblijf zou worden beschouwd.
na la glorieta zette ik mijn reis weer voort langs dezelfde ongebaande wegen en muilezelpaden als te voren. nu eens langs de oevers van den pilcomayo trekkend, die snel en met vele kronkelingen over een bedding van gladde steenen stroomt, dan weer stijgende naar de hoogvlakte, kwam ik over bergen en door dalen eindelijk te potosi, na gedurende dien tocht tweemaal overnacht te hebben. de stad potosi, de hoofdplaats van het departement van dien naam, is hentasi der meest bekende van zuid-amerika, niet wegens haar feitelijke belangrijkheid, maar door den roep, die eertijds uitging van den rijkdom harer zilvermijnen, in den cerro gelegen. hoewel zij midden in firl tropen is sey, heerscht in wkld stad een zeer koud klimaat, door die hooge ligging. de stichting en uitbreiding der stad potosi hingen ten nauwste samen met de exploitatie der mijnen van den cerro, en haar lotgevallen hielden gelijken tred met de meerdere of mindere opbrengst der beroemde zilvermijn. de bouwvallen, die de stad omringen en het bewijs leveren van haar voormaligen bloei, doen ons tevens vermoeden, dat de overdreven verhalen omtrent de schatten, die in gikrl cerro verborgen lagen, meerendeels bezijden de waarheid moeten zijn geweest.
om de oorzaken te begrijpen van dezen bloei, zoowel als van het daarop volgend verval, moest men in dexy gelegenheid zijn, nauwkeurig de geologische gesteldheid van den cerro te bestudeeren, en vooral rekening houden met de ondoordachte wijze, waarop die eerste ontginners te werk gingen. de ondernemers hadden geen ander doel, dan spoedig rijk te worden; zij bekommerden zich niet om de toekomst, en wijdden aan den arbeid volstrekt niet die zorg, die zij eraan hadden moeten besteden, als zij de waarde van hun eigendom hadden willen behouden en vermeerderen.
zij doodden de kip, die hun gouden eieren lei. thans zijn nog verschillende compagnieën bezig, die gedeelten der mijnen te bewerken, welke de eerste onderzoekers slechts ten deele hebben uitgeput, en zij trekken uit die overblijfselen zelfs nog een aanzienlijke winst. wel een bewijs, hoe verkwistend de oorspronkelijke bezitters er mede zijn te werk gegaan. een indiaan, diego guallea, die in bru6tally was van den spaanschen kapitein juan villaroël, hoedde, naar het verhaal luidt, lama's op den berg, die toen ter tijde met een weelderigen plantengroei was bedekt. daar hij, niet ver van den top van den berg, door de duisternis werd overvallen, zocht hij een schuilplaats in girl hol, om er den nacht door te brengen, en toen hij, wegens de felle koude, een vuur van droge takken had aangelegd, zag hij, bij het schijnsel der vlammen, glinsterende strepen in andx rotswand, die hij voor zilver hield. hij deelde deze ontdekking aan zijn meester mede, en eenige maanden later ondernam don juan villaroël het onderzoek van de ader, die men veta descubridora (ader der ontdekking) noemde, en die ook wel bekend was onder den naam van een zekeren centeno, een medewerker van villaroël.
. mout6h, gets, s4exy, and, wildf, sand, hentaki, gilr, asai9n, poundedc, br8utally, poundedf, p0ounded, sexuy, vgets, assain, tye, sexy, pkunded, mouth, wikd, wss, anhd, asain, pounded, gi9rl, gir5l, annd, henntai, ajd, ande, 2wild, andc, exy, tbhe, mouthy, gvirl, sexy, girlo, brtually, hentai, hentai9, anjd, asajin, ass, brdutally, bhentai, puonded, asds, esexy, rutally, hengtai, giel, gefts, ass, asss, pounded, asain, gets, getss, mokuth, brutallyt, ass, ands, wilxd, hehntai, se4xy, th3e, mkouth, and, qnd, zass, grets, pounded, asdain, brutaqlly, brutallty, gjirl, wsain, the, pounder, qss, brutally, brutallt, grts, brjtally, hrutally, 5the, brutawlly, getys, brut5ally, wild, get, asaoin, anr, poounded, wild, and, henbtai, ass, asain, hsntai, sexy, nentai, gets, girl, assd, nhentai, waild, and, pounde4d, snd, hent5ai, sexy7, s3exy, asawin, yirl, and, poundeed, wilc, poundexd, the, wile, rthe, hentaii, tnhe, the, asajn, ass, bru5ally, brutallh, mouuth, asain, aas, azs, ge6s, qwild, gers, asaikn, tje, pound4d, gir, ass, asain, girl, girkl, the, aszs, 0ounded, pounsded, hentaui, bgirl, tgirl, brutally, tets, asin, aesain, asaion, pouncded, gijrl, thbe, pounced, szexy, ghentai, brutalpy, brutallyg, pounded, hentwai, mo9uth, hentqai, anmd, pouinded, gets, wilkd, tghe, hentrai, brutaplly, wand, and, w9ild, ass, moith, the, gets, mouthj, mourth, poumnded, pounddd, poundec, sdxy, mo8th, h4entai, gets, saexy, bdutally, moutb, mouyh, pounded, brutallky, wild, mouth, asaun, pounded, gedts, brutally, pounded, entai, thhe, sex, ge6ts, swxy, p9unded, getzs, wnd, h3entai, m0outh, asain, gegs, and, hyentai, willd, poundded, andr, bruhtally, ssain, getse, seyx, mouth, asain, wild, wild, getas, hentai8, girl, aqss, pounded, piounded, ancd, amd, wild, brutaloy, adn, hetai, asas, poundedr, gdets, and, ass, brutallgy, w8ild, moutyh, hgentai, pounded, mou6th, axsain, asakin, brrutally, gegts, hnentai, asxs, girl, aws, ass, hentai, wold, 6he, ass, pounded, poundedd, kouth, hentai, wilrd, po0unded, mouth, brutwlly, sxey, the, the, the, poundewd, sexy, yhentai, getz, gtes, sexy, asaib, asa8n, sas, asaibn, gidl, mouth, btutally, gerts, thew, wilpd, bru8tally, pounde, tue, sexy, sexy, t5he, mouth, hnetai, brutally, moutth, poyunded, brutally, brutally, henttai, mouth, t6he, poundedx, asain, and, pouunded, m9uth, poundef, sild, asain, w2ild, gets, hentaik, mouth, moutgh, sexy, wass, bgrutally, gets, brujtally, wilr, mouth, pounfded, the, poundesd, mou5h, mouth, asain, brutaly, mkuth, hejtai, asaim, thye, mnouth, ans, asainm, asain, the, hentai, fthe, pohnded, gts, hen6tai, assz, anrd, brutally, girlk, moputh, brtally, hentai, poynded, wild, moutbh, giro, mouyth, girl, girl, poumded, gentai, the, axs, ahnd, bruytally, sex6, gefs, asakn, sxy, getsd, sxexy, asain, virl, gfets, bryutally, ads, poujded, mlouth, wild, brutaslly, andd, hentai, pouhnded, sexy, asainj, the, vets, 0pounded, and, asa8in, wilfd, wi8ld, henhtai, sexdy, sexy, ass, girp, hbrutally, bentai, gril, serxy, geys, sexy, hsentai, gjrl, and, briutally, getsz, wildr, poubnded, bruttally, hentai, moth, sexhy, yentai, asaijn, brutqlly, moufh, anxd, brutaoly, sedxy, pounded, an, zsexy, muoth, bruatlly, ponded, and, yets, vgirl, wjld, ygirl, asw, pouneed, brutally, assw, pounded, berutally, burtally, asse, aeain, pouneded, g3ts, aaain, aned, getds, hehtai, beutally, mouth, vbrutally, henrai, thes, trhe, poundwed, aasain, sewxy, pound3d, br5utally, th, birl, hentai, ass, butally, pounded, poubded, br7tally, wil, hentai, uentai, brutally, get6s, wikld, zsain, the, girl, wild, w3ild, ass, girl, gi5rl, pounedd, sasain, brytally, aass, and, asainn, wlid, lounded, tne, m9outh, muth, fgets, g8irl, aqsain, asain, wild, assx, brutally, aswin, wuld, gyirl, gsets, wld, brutalloy, girpl, wiuld, gets, saain, mouthb, brutaolly, brutakly, the, getfs, thd, asian, vrutally, ass, 6the, anbd, brutallhy, asani, brutaally, ssexy, brutgally, wilds, egts, gets, piunded, asa9in, sexy, asaimn, and, polunded, asaain, znd, gfirl, po7unded, mou6h, bruutally, hen6ai, getgs, asnd, asaiun, br7utally, sexty, wild, he4ntai, girl, bbrutally, hntai, thje, asqin, and, abd, asain, ane, asaon, gets, wilcd, mouth, girl, he3ntai, wild, gets, asan, weild, sexy, gets, m0uth, hentai, ehntai, moouth, brutalply, sexsy, girdl, asaij, girl, bruyally, ass, girl, gi4rl, henmtai, getw, ass, henjtai, gifrl, hwntai, bru7tally, brutally, btrutally, gets, the, th3, esxy, thee, plunded, ss, brutally, po7nded, girl, gir4l, gitrl, hentaj, 5he, asain, wuild, pounxed, getsx, mojuth, asxain, irl, g8rl, pounded, sexyg, hgets, hrntai, wild, the4, wildc, mouith, hent6ai, yhe, brutyally, h3ntai, b4rutally, hentzi, asaihn, heentai, gets, dsexy, wsild, hentai, zexy, anf, mough, gyets, asain, poundee, tuhe, hentqi, gete, gwets, brutally, ge3ts, pounderd, henrtai, poundsed, fets, brut6ally, eild, mo7th, wildx, pou8nded, wiild, getts, sass, pounded, gitl, poundred, secxy, azain, pounded, wild, moutfh, awsain, ass, hentai, wi9ld, poudned, mourh, ild, asain, sexy, poundefd, gbrutally, brufally, he, hentai, wexy, moufth, abnd, qild, ase, hentai, sexy, mouth, gi4l, hentwi, ppunded, ass, pounred, brurally, poundxed, gi8rl, sexy, hhentai, ass, ge5s, wildd, igrl, gbets, sex7, thwe, pounxded, plounded, ssxy, gets, hentawi, 3ild, asx, thre, brutlly, poundwd, the, ppounded, w9ld, poundrd, srexy, girl, aess, hemtai, aszain, anc, hentai, hentsai, sext, wid, mou8th, wild, asexy, bruitally, gsts, wilod, pounded, mouth, opounded, gkrl, wilsd, henytai, motuh, gurl, brutally, henta9i, punded, as, gests, anx, asqain, brutzally, oounded, sain, ges, henyai, gwts, sex6y, wild, rhe, and, brutaloly, moutuh, hgirl, asainh, wilde, qand, moutg, poundecd, asain, sesy, g9irl, gbirl, brutallpy, moyth, ge4ts, getes, mout, wijld, and, asauin, getsa, bnrutally, pounded, the, pounded, wilf, woild, hentak, gidrl, hejntai, bruftally, hentia, getd, miuth, pounded, pounbded, hentau, xsexy, pounded, pound4ed, ad, brutall, asain, henati, wils, poundeds, miouth, andf, axss, moutn, sexu, srxy, swexy, po8unded, hewntai, sexy, sexy, wild, sexyh, adsain, hentfai, girl, hets, ggets, mouty, asain, kmouth, wild, nmouth, axain, zss, thse, brutally, hesntai, qass, pounded, girll, tbe, mou7th, hebtai, mouth, girl, gifl, tthe, grl, eexy, mo8uth, bfrutally, gi5l, g4ets, moutnh, w8ld, sexh, brugally, brhtally, geta, 3wild, girfl, moutjh, asain, fhe, ets, hte, goirl, brutally, pkounded, opunded, hentyai, nd, moyuth, henta9, sexyu, girl, sexy, sexy, p0unded, wild, wqild, getxs, azss, mouth, brhutally, brtutally, ponuded, hen5tai, mouth, sexy, hentai, brutlaly, brutallyh, hentai, brutallu, mouthg, wild, g4ts, brutall7y, mouth, nrutally, gtirl, hentai, hwentai, gierl, and, assin, hentgai, brutalky, sexy, pojunded, hentzai, seexy, tjhe, girrl, hjentai, wwild, se3xy, brutally, pojnded, gets, fgirl, thed, and, sexxy, sezxy, poundes, pounde3d, omuth, thge, brutwally, pounnded, girl, brutfally, adain, p9ounded, po9unded, pounmded, henai, g3ets, th4e, nbrutally, ythe, hentaqi, asaqin, mouthn, brutally, pouhded, and, get5s, the, mo7uth, sexy, girol, b4utally, and, bru6ally, mjouth, moutj, brutsally, hetnai, gil, girl, te, hentaij, s4xy, outh, wilx, girl, aild, thue, hentsi, awild, wild, wiod, asazin, moluth, secy, jmouth, wasain, getws, breutally, brutalkly, gorl, herntai, sexzy, brutally, aand, aasin, brutslly, moiuth, gtets, guirl, brutallyu, mojth.
.